
Inleiding.
Het is 11 januari 2024 dat ik een presentatie mocht houden voor de senioren van Reutum en Haarle over mijn oom Harrie en tante Aleida (Leis) Lammerink, beiden hebben ze gediend in het verre Nederlands-Indië.

Tante Leis Lammerink en Harrie Lammerink zijn beiden geboren en opgegroeid op de eeuwenoude boerderij "de Rotger" aan de huidige Snoeymansweg in Haarle. Een groot aantal senioren uit Reutum en Haarle zijn deze middag samengekomen in het Kultuurhoes. Aan de hand van een PowerPointpresentatie, met vooral veel fotomateriaal en geluidsfragmenten, kon ik de aanwezigen het levensverhaal van mijn oom en tante delen.
Aleida Lammerink.
Aleida, Leis Lammerink is geboren op 1 juli 1913 als 3de kind en dochter op de boerderij de Rotger. Haar ouders zijn Gerardus Lammerink (geb. 24-10-1873) en Maria Klumper(geb. 20-01-1884).

Zus An (geb.16-8-1910) is de oudste dochter en zus Marie (geb. 8-12-1911) de 2de dochter in het gezin. Voordat Leis naar de lagere school ging, moest ze vaak koffie brengen naar de es waar pa aan het werk was op het land, vaak samen met ome Jan de broer van pa. Op de lagere school te Reutum kreeg ze eerst les van juffrouw Silderhuis, vervolgens van meester Weustink en in de laatste klas van meester Olde Loohuis. Handwerken kreeg ze op school van Eske Hanna. Na de lagere school ging ze naar Tubbergen voor vervolgonderwijs bij de zusters op de naaischool. Thuis op de boerderij was er hulp van Anna Mensink (Veelman), haar oudere nichtje en Teun Lammerink (van Vroonk) haar oudere neef. In 1929 ging ze werken als huishoudelijke hulp te Zenderen, op het gymnasium, en kreeg de zorg voor o.a. de kapel. Vader Gerard had zware reuma, oom Jan (ongetrouwde broer van vader) runde de boerderij. Vaak mocht ze met peetoom Jan helpen met het inspannen van de 2 paarden om vervolgens knollen te halen uit de es. Dan mocht ze als voerman de rit maken.
Op 2 augustus 1932 is ze ingetreden bij de zusters Franciscanessen te Heythuysen in Limburg. Ze werd door haar moeder Maria, en de zussen An en Marie naar het station te Almelo gebracht, met bakker ter Beek als chauffeur. Hij was de enige in Reutum en Haarle die een auto had. Rond maart 1934 kwam ze vrij onverwacht thuis om te vertellen dat ze naar de missie werd uitgezonden. Ze had de naam gekregen van Zuster Charitas. Ze zou naar Nederlands-Indië gaan, naar een ziekenhuis van de zusters Franciscanessen. In het St.-Elisabeth Ziekenhuis te Semarang op het eiland Java werkte ze eerst in de keuken totdat de oorlog uitbrak in 1939 – 1940 in Europa en Oost-Indië. In Europa had Duitsland eerst Polen ingenomen en vervolgens Nederland, België en Frankrijk. In Oost-Indië was het Japan die oorlog ging voeren. Ze heeft 2 jaar in een Japans interneringskamp gezeten, tot aan de bevrijding in 1945. Ze ging direct weer naar het ziekenhuis St.-Elisabeth om het weer op te bouwen.
Harrie Lammerink.
Harrie is de jongste zoon van Gerard en Maria Lammerink. Geboren op 14 oktober 1925 en opgegroeid op de boerderij de Rotger in Haarle. Met 7 zussen en 3 broers woonde Harrie samen met de ouders en oom Jan, de ongetrouwde broer van pa.

Broertje Everhard, geboren 2 oktober 1924, overlijdt op 5 maart 1927 aan de gevolgen van longontsteking. Harrie gaat naar de lagere school in Reutum en trekt veel op met broer Jan en buurjongen Jan van Sneuman (Jan Aarnink). Er werd veel kattenkwaad uitgehaald. Maar er moest ook geholpen worden op de boerderij, o.a. knollen trekken, roggeschoven opzetten, paarden aanspannen etc. Na de lagere school ging Harrie naar de ULO in Tubbergen, vanaf 1938 tot dat de oorlog uitbreekt 5 mei 1940 met het bombardement op Rotterdam. Harrie is dan 14 jaar.

Nederland in oorlog met Duitsland en Japan.
In 1940 is Oost-Indië nog een kolonie van Koninkrijk Nederland met meer dan 60 miljoen inwoners. In Nederland wonen dan 8 miljoen inwoners. Oost-Indië (het huidige Indonesië) is 60 keer groter dan Nederland. In Europa is de oorlog uitgebroken, al in 1939 begonnen doordat Duitsland het buurland Polen aanvalt en inneemt. Vanaf 5 mei 1940 valt Duitsland ook Nederland, België en Frankrijk aan en neemt het in. Ons koningshuis vlucht naar Engeland. Koningin Wilhelmina woont dan in Londen. In Oost-Indië en omliggende landen is Japan een oorlog begonnen. Op 7 december 1941 wordt door Amerika de oorlog verklaart aan Japan en Duitsland na de aanval van 6 december op de vloot van Amerika in Pearl Harbour. Nederland verklaart te Londen Japan op 8 december 1941 de oorlog. Precies 1 jaar later houdt koningin Wilhelmina de historische “7 december” rede op radio Oranje voor bezet Nederland en bezet Oost-Indië. Hierin geeft de koningin aan namens de regering dat de toekomstige status van Nederlands-Indië gedekoloniseerd zal worden. (Dit vooral door Amerika en Groot-Brittannië opgedragen.)

Het R.K St. Elisabeth ziekenhuis te Semarang.
Zuster Charitas (Leis Lammerink) werkt tot september 1940 in de keuken van het ziekenhuis en volgde o.a. een EHBO-cursus. Ook was ze daarna met de verpleging gestart. Het is onrustig in het land. Familie contacten zijn niet mogelijk. Begin 1941 wordt het almaar onrustiger, het ziekenhuis wordt gecamoufleerd, de muren zwart geschilderd en het dak groen. Na de oorlogsverklaring van 8 dec. 1941 door koningin Wilhelmina, breekt er paniek uit en gaan alle patiënten naar huis. Zuster Charitas is dan 28 jaar en krijgt begin 1942 bericht dat vader Gerard Lammerink op 23 december 1941 is overleden, net voor Kerstmis. Op 1 maart 1942 bezet Japan Nederlands/Indië. Op 19 maart 1942 komen Japanse officieren het St.-Elisabeth ziekenhuis inspecteren. Vervolgens moeten alle zusters een rode band om de arm binden ten teken dat je de vijand bent van Japan. Op 22 april worden alle Nederlanders naar interneringskampen gebracht. Minstens 40.000 Nederlanders zitten in Jappenkampen. Op 28 april 1943 nemen de Japanners St.-Elisabeth ziekenhuis in hun bezit. Op 2 augustus 1943 bevelen de Japanners dat ook alle zusters in het Jappenkamp Bangkong buiten Semarang worden geplaatst. Zuster Charitas zit dan met 1400 vrouwen en kinderen tot 10 jaar, in het Jappenkamp. De zusters proberen in het kamp de zieken te verzorgen. Er zijn veel ziektes en vluchtelingen, er is veel spanning, weinig middelen voor verzorging.

Kabinet Gerbrandy 2 te Londen.
Te Londen wordt in 1943 door de regering Gerbrandy plannen ontworpen om na de vernietiging van Duitsland in Europa, in Oost-Indië Japan te onderwerpen. Dit in overeenstemming met Amerika en Groot-Brittannië. Te Londen worden 2 divisies A en B voor de expeditionaire Macht te Nederlands – Indië opgericht. Na de bevrijding van Zuid-Nederland in 1944 wordt voorbereidend werk uitgevoerd. Na de capitulatie van Duitsland mei 1945 worden vrijwillige militairen en officieren voor het kader in Engeland opgeleid.

Hiroshima.
Op 15 augustus 1945 valt de atoombom op Hiroshima in Japan, waarna Japan capituleert. In Oost-Indië wordt 2 dagen later de onafhankelijkheid uitgesproken door de Indonesische Nationalist Soekarno. Vervolgens ontstaat er een chaotische toestand met veel plunderingen. Vooral de Nederlanders in Oost-Indië moeten het ontgelden. Net vrijgelaten uit de verschillende Japanse kampen. Op 23 augustus 1945 vloog een vliegtuig over het kamp waar zuster Charitas verbleef, er werden pamfletten uit het vliegtuig gegooid waarop stond dat de oorlog voorbij was. Tot 5 september heeft zuster Charitas nog in het Jappenkamp gezeten. Nadat ze het kamp kon verlaten ging ze direct met 2 medezusters naar het St.-Elisabeth ziekenhuis in Semarang om zo goed en kwaad weer te gaan functioneren als ziekenhuis. Ze kregen veel medicijnen van het Rode Kruis.
Er brak vervolgens een revolutie uit wat gepaard ging met veel chaos en binnenkomst van veel gewonden. Door de Nederlandse regering worden eind 1945 al de eerste militairen naar Oost-Indië gestuurd om in de chaos veiligheid scheppen voor de bevolking en de Nederlanders. De situatie op dat moment blijkt veel ernstiger te zijn als gedacht, waarop de regering besloot om met dienstplicht militairen aan te vullen.
Met de 1ste Divisie “7 december” eerste lichting dienstplichtige militairen geboren in 1925 worden ze ter keuring geroepen.

Harrie Lammerink Rotgers Harrie onder de wapenen.
Harrie is 14 oktober 1925 geboren en wanneer Duitsland mei 1945 capituleert 19 jaar oud. Op de boerderij in Haarle was het leven voor Harrie in de oorlogsjaren redelijk rustig verlopen. Harrie leende vaak de fiets van ome Jan voor zijn verschillende afspraakjes. Oom Jan was de dirigent van het zangkoor en broer Jan speelde op het kerkorgel in de kerk. Het zangkoor was voor Harrie ook waar hij met veel plezier naartoe ging. Ook de muziek droeg hij een warm hart toe in Reutum. Thuis kon hij ook het harmonium van ome Jan bespelen.

Harrie Lammerink
En dan heb je de pech dat je bent geboren in 1925, Harrie moet zich verplicht melden voor de militaire keuring. Samen met dorpsgenoten, Harrie Deterink en Harrie Vrerink. Bennie Mensink gaat vrijwillig in militaire dienst.
De opkomst voor dienstplicht 8 mei 1946.
Harrie moet zich 8 mei 1946 (20 jaar oud) melden te kamp Holterhoek nabij Eibergen om te starten met de opleiding van soldaat. Na 6 weken wordt hij eind juni te Nijmegen geplaatst, in het hospitaal van NEBO-klooster om als verpleger te worden opgeleid. Vervolgens is dan op 28 oktober 1946 de tocht met de Johan de Wit boot, om te worden uitgezonden naar het verre Oost-Indië.

De bootreis naar Oost-Indië.
Na afscheid te hebben genomen van de familie in Haarle gaat Harrie naar Amsterdam. In de haven ligt de Johan de Wit boot om 28 oktober 1946 af te reizen naar Tandjung Priok in Nederlands Indië met meer dan 2200 militairen aan boord.

De reis duurt 30 dagen en 16 uren en er wordt meer als 17000 kilometer gevaren. Via de Noordzee vaart de Johan de Wit langs de kust van Portugal om bij Gibraltar de Middellandse zee te doorkruizen. Varend langs de kust van Algiers wordt er op het schip Maleise les gegeven. Ook worden er cabaretuitvoeringen gegeven vooral om de tijd te doden. Ook de indrukken van de jonge militairen moeten een plaats krijgen. Harrie en vele anderen komen zo van het platteland en maken een reis om de halve wereld. De boot vaart richting het Suez kanaal om bij Port Saïd de doorsteek naar de Indische Oceaan te maken. Met de oversteek langs de Malediven en Ceylon (huidig Sri Lanka) komt de Johan de Wit in Nederlands Indië aan in de haven van Tandjung Priok. Vanaf januari 1947 wordt Harrie geplaatst in Batavia. Hij is ingedeeld bij de 7 december C divisie en valt onder de 3HUPvA, de 3de Hulp Verbandplaats Afdeling. Het zijn veel Limburgse jonge militairen waar Harrie mee werkt. Als Hospik doet hij zijn werkzaamheden, vaak met gevaar voor eigen leven. Vele gewonde soldaten moeten opgehaald uit het binnenland van Java. Er heerst nog steeds veel chaos en vele guerrillagroepen opereren vanuit het binnenland.
Begin 1948 wordt Harrie verplaatst naar Garoet en daarna naar Bandoeg op Java. Een heel bijzonder moment voor Harrie is het bezoek dat hij kon brengen aan zijn zus Leis Lammerink, zuster Charitas, in het ziekenhuis St. Elisabeth te Semarang. Als 9 jarige jongen zag Harrie zijn oudere zus vertrekken uit Haarle om nu als 22 jarige voor het eerst na 13 jaren zijn zus te weerzien in de Missie. Ook delen ze samen dat moeder Maria Lammerink 29 juni 1948 is overleden en begraven op het kerkhof te Reutum. Via de post werden broer en zus hierover geïnformeerd.
In 1949 wordt Harrie overgeplaatst naar het hospitaal te Tasik Malaja. Met een team van 22 man die allen verpleger waren onder leiding van één arts, dr. Frans Doeleman. Dr. Frans Doeleman was in 1946 afgestudeerd als arts en werd direct opgeroepen voor militaire dienst.

Het dagboek van Harrie Lammerink
Harrie hield een dagboek bij en een foto herinneringsboek over zijn diensttijd in Oost-Indië. Bijzonder is dat in het dagboek een 3-tal papieren singles zaten met geluidsopnamen. De opnames zijn gemaakt door Otaris van Oost naar West. De militairen konden op die manier een gesproken opname sturen naar de familie , het thuisfront. Ook vanuit Reutum is een gesproken opname van pastoor van Benthem in het voorjaar van 1949 aan Harrie toegezonden. Pastoor van Benthem spreekt dan namens alle parochianen van Reutum en Haarle. Op het eind van de opname wordt door zus Lena en buurmeisje Riek van Sneuman een lied gezongen voor de militairen in Oost-Indië.

De gesproken tekst van pastoor van Benthem voorjaar 1949:
Hallo Harrie, hier met je pastoor in Reutum. Jonge, wie had dat kunnen denken! Dat wij op deze manier nog met jouw aan het praten zouden komen. Per brief hebben we al enige keren met je kennis gemaakt. Het deed ons goed uit je brieven te merken, dat we daarginds ergens in Indië , een flinke en stoere Reutums parochiaan hebben zitten. Nu kom ik je namens het Katholiek Thuisfront, dus eigenlijk namens de parochie, waarvan het bestuur van het Katholiek Thuisfront de vertegenwoordiger is, eens hartelijk groeten. Het doet ons goed dat je daarginds goed maakt en je flink door alles heen slaat. Je hebt zeker al gemerkt Harrie, dat onze jongens en meisjes, wie het hoog ernst is, de oude kundigheid goed te bewaren. Dat hebben ze trouw door hun brieven, de keurig verzorgde pakjes, wel bewezen. Daarvoor hebben vooral de dames, van het bestuur van Katholiek Thuisfront wel een bijzonder pluimpje namens allen verdient. Al zijn we dus wel ver uit elkaar, Jongen, we voelen dus wel elke keer echt met elkaar verbonden. We groeten je dan heel hartelijk en wensen je dan ook alle succes toe. Bovenal een spoedig en behouden thuiskomst. Deze laatste wens bevelen we iedere zondag extra, met gehele parochie, den goede hoop aan. Jongen, het gaat je goed en tot spoedig en blij weerziens. Dan zal het vreugde zijn voor je familie, maar ook voor heel de parochie Reutum. Daarna zingen zus Lena en buurmeisje Riek van Sneuman een lied voor de soldaten: mijn dierbaar vaderland.
De gesproken tekst van zus Lena.
Hallo Harrie, hier met je zus Lena om even een praatje met je te maken. Hoe maakt U het nog? We hopen dat alles goed is. Bij ons thuis is alles oké, mooi terecht. Nog hartelijk bedankt voor je brief van gisteren. Wel gezien dat je alweer verhuist bent en nou nog wel voor de dokter Doeleman in de weer bent. Ie zult ze wer mooi terecht maak’n en dan mer schoev’n. Zundagavond hebt wie een mooie avond gehad. Met zang en voordrachten van Venhoes Jan. Bere gezellig. Harrie du has doar nog wa bie hem’n mötn wes’n. Doar haj nog wa scheef oet’n hook kun’n kom’n. Wie hebt anders mooi weer vandaag. Nou Harrie, no mok er een eind an maak’n want Riek van onze buurman wil ok nog woordjes tot die zeg’n. Het aller beste fur die en weerziens in Hoarl. Harrie, wie zult ok nog fur dien enclave goan zing’n du mos mer eens goat luster’n of ie weet wie dit zingt.
De gesproken tekst van buurmeisje Riek van Sneuman.
Hallo Harrie, hier met je buurmeisje Riek. Hoe maakt U het nog. We komen even met een plaatje overwipp’n. We zijn allemoal nog goed gezond. We hopen dat ook voor jouw. Ja, Ja, we zit’n hier weer voor de vasten. Het is weer mis Harrie, moeilijk hoor! We moeten weer wachten tot paasmaandag komt, mer dat moet wie afwachten. Pa en Ma maken het ook nog goed. Pa zoekt nog wel veel koffiehuisjes op en nog wel dwars door de wei om het nieuws te horen van dokter Harrie. Jaja, vriend gaat hoger op. Je moet maar goed luisteren, en als het scheef gaat voor de luidspreker, dat mag hem niet hinderen. Je broer? Maakt er nog niet veel van. Alles weer aan de kant. Maar mijn broer lacht zich slap, die doet nergens aan. En onze Marie zal er wel snel vandoor gaan op de Zoeke aan. Nou Harrie, we zullen Hamweg vast klaar maken, dan kan dokter Harrie over het paadje lopen en dan zullen wij wel door de wei gaan en ook de boel versieren. Harrie, het allerbeste maar en de beste wensen van ons allemaal en je buurman Sneuman. Vervolgens wordt het lied gezongen voor de soldaten : Mij dierbaar Vaderland.
Vervolgens komt er 12 april 1949 een antwoord van Harrie Lammerink vanuit Oost-Indië.
De gesproken tekst van Harrie Lammerink op 12 april 1949 te Tasik – Malaja:
Lieve zussen, broers en Ome Jan,
Via het opname programma Otaris, wat zich hier in Impasse bevindt, ben ik thans in de gelegenheid gekomen om een praatje op plaat te laten maken. Natuurlijk verlangt elk van jullie een stencil na 2,5 jaar om iets van me te horen. Hoe maken jullie het allemaal? Ik hoop- nog goed. Ook met mij is alles mooi in eurrer. Ik wed dat jullie ondermekaar zult zeg’n zol ie gen Twents mer kon’n. Natuurlijk kan ik dat nog wa. Want hier Könt al soort talen en dialecten worden sprök’n Hier bie mie wordt het meest Limburgs geproat. Doarum dit onderdeel meest Limburgers zijn, omdat ik er no ook al ruim 1 joar tussenzit kom ie vanzolf met het taaltje op de heugte. Niet te vergett’n dat ik geen Reutums mer kan?

Natuurlijk wel, luister maar eens.
(Harrie op zien Reutums): Vandaag net ne breef van Drukker ontvang’n met het korte niejs dat de familie aweer gröter is wön’n. Keerl dat schöt op, dat zal nog wat gef’n ak tmet eens een keer weer kom. Dat Wördt eigenlijk wa een moal tied, mar ja, ’t blif hier nog an ’t knooi’n. Over ner hoes goan wordt nich over kuiert. Ze pleert en vleegt hier alle kant’n in, mer dat schöt hier nog wenig op. Dat zal hier nog wat ’n paar joar zo wieder goan. Afijn, ik zeg mar zo, huul’n um de hoonder in de boks te vind’n. No wordt er an dizze kaant ok een betje kuiert.
Hoe is het met oonze Marie? Ok al krentewegge op toafel? Ik heb er nog niks van heurt. Is er nog niejs oet Reutum? En wanneer is de keerk pas kloar? Bie Sneuman ok alles nog bie ’t oale? Wanneer trouwt Jan in de Keuk’n? Zoals ze schreef kon ik straks als slippendrager fungeren. Nou dat zit heur!
Joa, wat geet de tied toch veurbie. Volgende wek hem alweer Poaske. Ik had met Kertsmis nog dacht dat we misschien met poaske in de keuk’n te wönn. Mer ja, weer kleuterij. Hoar in de botter. Hoe geet het met muziekkorps en zangkoor? De leste tied nog nieje krachten biekom’n?
Dreijers Harrie maakt ’t ok heel goot, alleen zit wie mer as 150 km oet mekaar dus met breef’n kum mekaar op de hoogte hoal’n, mer dat löp wa los. Ik denk daj dizze plaat ok bie Dreijer of loat gengeln. Dus, tevens mien persoonlijke hartelijke groet’n aan de familie Deterink.
Die ander keerl’s oet Reutum (Harrie Vrerink en Bennie Mensink) zit ergens op Sumatra, doar heur ik ok niks van. Der zult er nog verscheidenen de Boks ankrieg’n, mer afijn ze könt no gerust hier op an kom’n, het geknuppel is no wa veurbie, zie bint no wa mak word’n.
Nou ik hop daj mie hebt kön’n verstoan, ik zal er met oet schein er stoat hier nog wa een hele bult in de rieg um wat te zegg’n. Zusjes, broers en Ome Jan het allerbeste gewenst en ik hop dat wie binnekort mekaar weerziet in Hoarl.
dag hoor, je broer Harrie.
Vervolg zuster Charitas in het ziekenhuis St. Elisabeth.
Zuster Charitas was in 1947 na terugkomst in het ziekenhuis St. Elisabeth weer gestart met de verpleegopleiding. Begin december 1949 slaagt ze hiervoor. Het wordt ook geleidelijk wat rustiger in Oost – Indië. De Nederlandse militairen vertrekken na de definitieve erkenning van Koninkrijk Nederland m.b.t. onafhankelijkheid van Indonesië, met als president Soekarno (27 dec. 1949). De werkzaamheden van de zusters worden ook verder opgepakt door op het platteland regio Semarang verzorging en verpleging te starten in kleine dorpjes. Zuster Charitas bemoeit zich ook met de uitbouw en nieuwbouw van verpleegafdelingen. Ze krijgt daardoor steeds meer om handen. Begin jaren 50 maakt ze ook deel uit van de ziekenhuis directie en wordt later ook de moeder-overste van de zusters Franciscanessen te Semarang. Ze viert haar zilveren jubileum op 1 februari 1959 als moeder-overste.

Harrie gaat weer terug naar huis.
Harrie gaat eind 1949 met de 3de Infanterie Brigade 1ste Divisie 7 december Bataljon 3-14 RI richting Batavia. Vanaf 10 december 1949 begint de aftocht met de trein van Tasik Malaja naar Batavia. Nog 6 weken later, op 20 januari 1950 gaan de Nederlandse militairen aan boord van de “Tabinta” om 19 februari 1950 om 3 uur in de nacht de haven van Amsterdam binnen te varen . Rond 6 uur in de morgen was Harrie aan land en kon met de trein en bus richting zijn ouderhuis “de Rotger” in Haarle.

Harrie werd hartelijk ontvangen door de hele familie, al zijn zussen, broers, neefjes, nichtjes en zwagers waren aanwezig en ook Ome Jan. Er was een mooie boog gemaakt rondom de voordeur van de boerderij. Ook een familiefoto mocht niet ontbreken, deze werd gemaakt in de mooie voorkamer van de boerderij. Vervolgens werd er nog lang nagepraat en herinneringen opgehaald. Zus Leis, Charitas, verblijft dan nog steeds in Indonesië. Na de terugkomst krijgt Harrie als militair nog 2 maanden betaald verlof om vervolgens in de burgermaatschappij zijn werkzaamheden te vervolgen.
Zuster Charitas voor het eerst weer in haar ouderhuis.

Zuster Charitas, Leis Lammerink, komt na 31 jaren in de missie op 19 juni 1965 voor het eerst weer in haar ouderhuis de Rotger in Haarle waar de familie haar hartelijk ontvangt. Op het erf brengt de St. Jozef muziekvereniging een serenade aan haar. Er worden vele familiefoto’s gemaakt met alle neefjes en nichtjes die inmiddels geboren zijn. Ook de zussen, schoonzussen, broers en zwagers zijn van de partij. Eigenlijk is de gehele buurtschap Haarle uitgelopen om Leis Lammerink hartelijk te groeten. Ze verblijft dan 6 weken in Reutum en omstreken. Ze bezoekt alle broers en zussen en maakt nog beter kennis met alle neefjes en nichtjes. Op 27 november 1965 gaat Zuster Charitas weer terug naar haar missie in Indonesië, het R.K. St. Elisabeth ziekenhuis te Semarang.
Zuster Charitas ontvangt Generaal G.Huyser.
Eind 1979 heeft zuster Charitas als moeder-overste de eer om Generaal G.Huyser te ontvangen op het R.K. St. Elisabeth ziekenhuis te Semarang. G. Huyser werd 6 februari 1931 geboren in Soerabaja en werd op 12 jarige leeftijd met zijn familie in het jappenkamp geplaatst. Mannen en jongens boven de 10 jaar kwamen in een mannen kamp. De moeder van G. Huyser werd in het vrouwenkamp geplaatst waar 1200 vrouwen en meisjes verbleven. Ook de zusters van het ziekenhuis, waaronder zuster Charitas, werden in het vrouwenkamp geplaatst. De zusters verzorgden de zieken, o.a. de moeder van G. Huyser. Ze was ernstig ziek. Na de bevrijding en uit het Jappenkamp gekomen werd de moeder in het ziekenhuis St. Elisabeth opgenomen waar ze later is overleden.

Dit was ook de reden van dat Generaal G.Huijser met zijn echtgenote kamp Bangkong Semarang bezocht waar 45 zusters de zorg hadden gekregen voor de mannen, vrouwen en kinderen. Hij wilde de zusters bedanken voor de zorg die zijn moeder, de mannen en jongens van de zusters hadden ontvangen.
Definitief terug naar Nederland.
In 1989 kwam 76 jarige leeftijd Zuster Charitas terug naar Nederland om te gaan wonen in het vernieuwde klooster te Oldenzaal. Haar jongere zus San, Zuster Laurina, ook bij de zusters Franciscanessen te Heythuysen ingetreden, woonde al in het klooster en had er de leiding. Ze brachten nog een aantal plezierige jaren door tot ze meer medische zorg nodig had keerde ze terug naar het klooster Zusters Franciscanessen te Heythuysen in Limburg. Ze overleed 12 maart 2000 op 86 jarige leeftijd en werd aldaar op het klooster kerkhof begraven.


Harrie is terug en gaat aan het werk.
Harrie gaat voor de zomer van 1950 aan het werk te Enschede. Te Oost-Indië had hij veel briefcontacten met thuisfront gekregen. Ook vanuit Nederland werd gevraagd om met de militairen in Oost-Indië te schrijven. Zo ook dat Marie Borghuis, die vanuit Haaksbergen brieven schreef. Ze werkte toen in Utrecht en kwam schrijvend in contact met Harrie Lammerink en Harrie Deterink. Beiden waren kameraden maar waren in de Oost, op Java, ver uit elkaar geplaatst. Eind 1950 heeft Harrie Marie in Haaksbergen opgezocht. Ze kregen verkering en Harrie ging vervolgens op kantoor werken bij de familie Borghuis die een klein textielfabriekje hadden. Op 11 januari 1958 is Harrie in het huwelijk getreden met Marie Borghuis en zijn ze gaan wonen in hun nieuwe huis aan de Hibbertstraat te Haaksbergen.

Later, eind jaren 60, is Harrie de vertegenwoordiger geworden van DAKO vloerkleden in Friesland. De textielindustrie in Twente was ingestort en verdween uit Twente.
In 1998 gaat Harrie nog 1 keer naar de herinneringsdienst te Roggel in Limburg. Dan is het precies 50 jaar geleden, 18 juni 1948, dat Hospik Nico Hendriks( Harrie zijn maatje) en 5 kameraden zijn gesneuveld te Tjinta. Ook werd er een herinneringsboek, geschreven door J. Boeyen, over die tijd dat het 3de Infanterie Brigade Groep 1ste Divisie 7 december gestationeerd was in Oost-Indië van 1946 – 1950. Hier maakte Harrie ook deel van uit.
Harrie Lammerink is overleden 3 juli 2000 op 74 jarige leeftijd, 4 maand na zijn zus Zuster Charitas. Harrie is begraven op het kerkhof te Haaksbergen.

Onderzoek, uitwerking en tekst - Jan Lammerink
Januari 2025